Interview met Femke Riel, initiatiefnemer van Stichting Buddyhuis
Femke Riel, initiatiefnemer van Stichting Buddyhuis, is geïnterviewd door Annemijn Vos over Buddyhuis en de kracht van buddy’s. Stichting Buddyhuis is een organisatie om mensen met een ingrijpende medische diagnose, zoals kanker, te koppelen aan een ervaringsdeskundige buddy.
Hoe Buddyhuis ontstond
Vlak voor kerst 2016 ontdekte Femke Riel dat ze borstkanker had. Begin januari 2017 zat zij in de wachtkamer van de oncologisch chirurg. “Die wachtruimte is een bizarre setting,” vertelt ze. “Ik hoorde gelach en vrolijke stemmen op de gang. Dat voelde vreemd in een omgeving waar kanker wordt behandeld. Maar er kwam een stralend stel binnen en dat moment heeft voor mij veel betekend: ziek zijn én toch midden in het leven blijven staan.”
Tijdens het gesprek met haar oncologisch chirurg, maakte Femke kenbaar dat zij hoopte om op eenzelfde manier om te kunnen gaan met haar ziekte als de dame die zij in de wachtkamer zag. De chirurg wist direct over wie ze het had en vroeg de vrouw, die inmiddels in een naastgelegen spreekkamer zat, of ze openstond voor een gesprek. Een ruimte werd vrijgemaakt en ze konden daar een uur met elkaar praten.
Vanaf dat moment hielden ze contact via WhatsApp. Femke: “Ik had het gevoel dat ik haar altijd kon bereiken. Die ontmoeting werd de basis van Stichting Buddyhuis. Mijn buddy bood mij perspectief. Het was een “one of the guys”-principe: ik kon haar dingen vertellen die ik tegen niemand anders kon zeggen.”
Een simpel voorbeeld: Femke’s partner las dat wandelen tijdens chemo goed kan zijn. “Toen mijn buddy dat bevestigde, dacht ik: jij weet hoe het is. Het voelde anders, veel geloofwaardiger. Online lees je vaak nare ervaringen, maar met je buddy gaat het over hoe het ook zou kunnen gaan.”
Van eerste koppeling naar landelijke stichting
Na haar operatie wilde Femke zelf ook buddy worden. “Zo is de sneeuwbal gaan rollen. In 2019 hadden we al 150 aanmeldingen. Tijdens corona digitaliseerden we de stichting noodgedwongen verder, waardoor de community sneller groeide. Inmiddels zijn er meer dan duizend matches gemaakt en werken we samen met negen ziekenhuizen.”
Femke vertelt dat hoewel Buddyhuis begon voor mensen met borstkanker in het St. Antonius Ziekenhuis, het buddysysteem in andere ziekenhuizen nu ook opgezet is voor andere soorten kanker. Buddyhuis ondersteunt deze ziekenhuizen als een kenniscentrum bij het opzetten van een eigen buddysysteem. Ook loopt er in het Wilhelmina KinderZiekenhuis een project voor ouders van te vroeg geboren en/of zieke baby’s. In het St. Antonius Ziekenhuis starten ze met nu ook met de doelgroep kinderen die diabetes hebben en het LUMC faciliteert landelijk voor de UMC’s buddykoppelingen voor (jong)volwassenen met een aangeboren hartafwijking.
Wat kan een patiënt verwachten?
Wie zich meldt bij een Buddyhuis wordt gematcht, idealiter aan een buddy binnen eenzelfde ziekenhuis. Femke vertelt: “Dat is belangrijk omdat behandelmethoden per ziekenhuis net van elkaar kunnen verschillen. Dat maakt uit voor het buddycontact. De systematiek is bij sommige ziekenhuizen zelfs al geïntegreerd in het EPD: bij het eerste gesprek kan de arts of verpleegkundig specialist dan de knop ‘buddy’ aanklikken.”
Daarna nemen zogeheten sleutelbuddy’s contact op. Zij brengen de wensen en behoeften van de patiënt in kaart. Vervolgens wordt een match gemaakt op basis van gewenste kenmerken zoals gezinssituatie, werk, kinderwens, genetische factoren, behandeling, maar ook persoonlijke voorkeuren zoals humor of afkomst.
Een buddy kan verschillende rollen vervullen: praktisch meedenken, fungeren als klankbord of juist ervaringen uitwisselen. Soms is één gesprek al voldoende. Bij zeldzame aandoeningen worden matches ziekenhuis overstijgend gemaakt, vaak met hulp van met patiëntenverenigingen.
Wat biedt Buddyhuis?
Buddyhuis biedt een match die past bij de vraag die de patiënt heeft, benadrukt Femke. “Verder biedt het buddycontact perspectief en dat kan overal in zitten: hoe vertel ik het aan mijn kinderen, hoe ga ik om met mijn werk, hoe pak ik mijn leven weer op? Het gaat verder dan wat een zorgverlener kan bieden. Artsen hebben beperkte tijd, terwijl een buddy de ruimte heeft om uitgebreid te spreken, zonder dat buddycontact natuurlijk een gesprek met de arts vervangt.”
Volgens de visie van het Buddyhuis heeft iedereen een latente behoefte aan verbinding. “Toch zegt de helft ‘nee’ als je het rechtstreeks vraagt. Zelf zou ik ook ‘nee’ hebben gezegd als ik alleen een flyer had gekregen. Daarom proberen we zoveel mogelijk toegangsdeuren te openen. Ons buddymagazine en de korte ervaringsfilmpjes op de website helpen daarbij.”
Advies aan medisch psychologen
“Het belangrijkste is”, zo vertelt Femke, “het koppelen van patiënten aan elkaar. Onze samenleving is zo geïndividualiseerd, terwijl mensen juist behoefte hebben aan verbinding en (h)erkenning. Door buddycontact proberen we dat te stimuleren. Misschien heb je twee patiënten die open staan voor buddycontact en aan elkaar gekoppeld kunnen worden, of vraag eens een arts om in zijn geheugen te graven voor een geschikte buddy. Soms moet je daarvoor ook de twijfel of weerstand bespreekbaar maken met je patiënt, want de behoefte aan verbinding is er vaak wel – al wordt die niet altijd uitgesproken. Dus heb oog voor deze behoefte van je patiënten en attendeer hen en je collega’s op de mogelijkheid van een buddy!

